ISWS Standaard

.

.

.

.

1. Waarom deze standaard bestaat

Een certificaat moet iets betekenen. Niet alleen dat iemand aanwezig is geweest bij een training, maar dat iemand heeft laten zien dat hij of zij voldoende weet én kan om veilig met een arbeidsmiddel of tijdens bepaalde werkzaamheden te werken.

Daarom gelden voor iedere ISWS-opleiding dezelfde basisregels. Deze standaard beschrijft hoe een ISWS-opleiding wordt gegeven, getoetst, beoordeeld, geregistreerd en gecertificeerd.

Voor iedere afzonderlijke opleiding bestaat daarnaast een eigen ISWS Qualification Standard. Daarin staat precies wat iemand voor die specifieke opleiding moet kennen en kunnen.

  • ISWS-MEWP-001 – Hoogwerker
  • ISWS-FLT-001 – Heftruck
  • ISWS-RT-001 – Reachtruck
  • ISWS-TEL-001 – Verreiker

Deze algemene standaard geldt voor al deze opleidingen.

 

2. Waar ISWS voor staat

ISWS staat voor International Safe Work Standard.

WETEN  •  KUNNEN  •  AANTONEN

Weten: je moet begrijpen hoe je veilig werkt.

Kunnen: je moet in de praktijk laten zien dat je veilig kunt werken.

Aantonen: er moet controleerbaar worden vastgelegd dat je aan de eisen hebt voldaan.

Een ISWS-certificaat wordt daarom niet alleen afgegeven omdat iemand een cursus heeft gevolgd. De deelnemer moet voldoen aan de eisen van de betreffende ISWS-kwalificatie.

3. Wie mag een ISWS-opleiding verzorgen?

Een ISWS-opleiding mag alleen worden verzorgd door een opleider die door Veiligwerken.frl is toegelaten om volgens de betreffende ISWS-standaard te werken.

De opleider moet ervoor zorgen dat:

  • geschikte instructeurs worden ingezet;
  • het juiste lesmateriaal wordt gebruikt;
  • theorie en praktijk aansluiten op de kwalificatiestandaard;
  • deelnemers voldoende gelegenheid krijgen om te oefenen;
  • toetsing op een vaste manier plaatsvindt;
  • resultaten goed worden vastgelegd;
  • certificaten alleen worden aangevraagd voor deelnemers die zijn geslaagd.

Veiligwerken.frl mag controleren of een opleider zich aan deze afspraken houdt.

4. Eisen aan de instructeur

Een goede opleiding begint bij iemand die weet waar hij of zij over praat.

Een ISWS-instructeur moet aantoonbaar en toetsbaar beschikken over voldoende kennis en praktijkvaardigheid voor de opleiding die hij of zij verzorgt.

De instructeur moet kunnen aantonen dat hij of zij:

  • inhoudelijke kennis heeft van het arbeidsmiddel of de werkzaamheden;
  • voldoende praktijkervaring heeft;
  • veilig kan werken volgens de geldende ISWS-kwalificatiestandaard;
  • risico’s kan herkennen en uitleggen;
  • werkzaamheden veilig kan voordoen;
  • deelnemers duidelijk kan instrueren;
  • fouten kan herkennen en corrigeren;
  • de eigen kennis actueel houdt.

De kennis en vaardigheden van de instructeur moeten toetsbaar zijn. Dat kan bijvoorbeeld worden aangetoond door:

  • relevante werkervaring;
  • vakgerichte opleidingen;
  • certificaten of diploma’s;
  • een praktijkbeoordeling;
  • een kennistoets;
  • een instructeursbeoordeling;
  • aantoonbare ervaring als trainer of instructeur.

Een diploma of certificaat alleen is niet automatisch voldoende. De instructeur moet ook in de praktijk kunnen laten zien dat hij of zij voldoende kennis en vaardigheden heeft.

Veiligwerken.frl bepaalt per ISWS-kwalificatie hoe de kennis en vaardigheden van instructeurs worden aangetoond en getoetst.

5. Eisen aan de beoordelaar

Een ISWS-beoordelaar moet aantoonbaar in staat zijn om objectief te beoordelen of een deelnemer aan de eisen voldoet.

De beoordelaar moet:

  • de betreffende ISWS Qualification Standard kennen;
  • de theorie- en praktijkcriteria kennen;
  • kritieke veiligheidsfouten herkennen;
  • de beoordeling consequent uitvoeren;
  • resultaten correct vastleggen;
  • onafhankelijk genoeg kunnen beoordelen om commerciële of persoonlijke belangen geen invloed te laten hebben op de uitslag.

De beoordelaar moet zijn of haar kennis en vaardigheden periodiek kunnen aantonen. Veiligwerken.frl bepaalt per ISWS-kwalificatie hoe dit wordt getoetst.

6. Theorie én praktijk

Wanneer een opleiding over praktische werkzaamheden of het bedienen van een arbeidsmiddel gaat, bestaat de opleiding uit theorie én praktijk.

Alleen theorie is niet voldoende. Alleen praktijk zonder begrip van de risico’s is ook niet voldoende.

De deelnemer moet begrijpen:

  • wat de belangrijkste risico’s zijn;
  • waarom bepaalde veiligheidsregels bestaan;
  • wat de grenzen van het arbeidsmiddel of de werkzaamheden zijn;
  • wat hij of zij moet doen wanneer iets niet veilig is.

Daarna moet de deelnemer dit in de praktijk kunnen toepassen.

7. Wat moet een deelnemer leren?

Iedere ISWS-opleiding heeft vooraf vastgestelde leerdoelen. Daarin staat wat iemand moet weten en wat iemand moet kunnen.

De leerdoelen worden vastgelegd in de betreffende ISWS Qualification Standard. Een leerdoel moet duidelijk en toetsbaar zijn.

Dus liever niet: “De deelnemer begrijpt veiligheid.”

Maar bijvoorbeeld: “De deelnemer kan vóór gebruik controleren of het arbeidsmiddel veilig gebruikt kan worden.”

Zo is voor iedereen duidelijk wat wordt verwacht.

8. De deelnemer moet de uitleg kunnen begrijpen

Veiligheidsinformatie heeft weinig waarde wanneer iemand de uitleg niet begrijpt.

De opleider moet daarom controleren of de deelnemer de taal en uitleg voldoende begrijpt om de opleiding veilig te kunnen volgen.

Waar nodig mogen hulpmiddelen worden gebruikt, bijvoorbeeld:

  • lesmateriaal in een andere taal;
  • een vertaling;
  • duidelijke afbeeldingen;
  • praktische demonstraties.

Maar de deelnemer moet uiteindelijk zelf kunnen aantonen dat hij of zij de noodzakelijke veiligheidsinformatie begrijpt.

9. Oefenen hoort bij opleiden

Een deelnemer moet voldoende gelegenheid krijgen om de praktische vaardigheden te oefenen voordat deze worden beoordeeld.

De instructeur gebruikt de oefentijd om:

  • uitleg te geven;
  • handelingen voor te doen;
  • deelnemers zelf te laten oefenen;
  • fouten te bespreken;
  • veilig gedrag aan te leren.

De beoordeling is niet bedoeld als eerste kennismaking met de machine of werkzaamheden.

10. Toetsing

Iedere ISWS-opleiding wordt afgesloten met een beoordeling.

Afhankelijk van de opleiding kan deze bestaan uit:

  • een theorietoets;
  • een praktijktoets;
  • of een combinatie van beide.

Wanneer de kwalificatie praktische vaardigheden vraagt, is een praktijkbeoordeling verplicht. De toets moet passen bij de leerdoelen van de opleiding. We toetsen dus alleen dingen die relevant zijn voor veilig werken.

11. Theorie-examen

Wanneer een theorie-examen onderdeel is van de opleiding, worden vooraf vastgelegd:

  • welke onderwerpen worden getoetst;
  • hoeveel vragen worden gesteld;
  • hoeveel vragen goed moeten zijn;
  • hoeveel tijd beschikbaar is;
  • wat er gebeurt wanneer iemand niet slaagt.

De minimale score staat in de betreffende ISWS Qualification Standard.

De vragen moeten duidelijk zijn en passen bij het niveau van de deelnemers. Een examen is geen taalwedstrijd. We willen weten of iemand veilig kan werken, niet of iemand moeilijke woorden kent.

12. Praktijkbeoordeling

Tijdens de praktijkbeoordeling laat de deelnemer zelfstandig zien dat hij of zij veilig kan werken.

De beoordelaar werkt met een vaste praktijkcheck. Hierop staan de onderdelen waarop de deelnemer wordt beoordeeld.

Bijvoorbeeld:

  • controle vóór gebruik;
  • veilig starten;
  • bedienen;
  • manoeuvreren;
  • omgeving controleren;
  • veilig uitvoeren van werkzaamheden;
  • veilig stoppen en achterlaten.

Welke onderdelen worden beoordeeld, verschilt per opleiding.

13. Kritieke veiligheidsfouten

Sommige fouten zijn zo belangrijk dat iemand niet kan slagen wanneer deze fout tijdens de beoordeling wordt gemaakt. Dit noemen we een kritieke veiligheidsfout.

Een kritieke veiligheidsfout is een handeling waarbij direct een ernstig veiligheidsrisico ontstaat voor:

  • de deelnemer;
  • andere personen;
  • het arbeidsmiddel;
  • de omgeving.

Welke fouten als kritisch worden gezien, staat in de praktijkbeoordeling van de betreffende opleiding. Zo hoeft een beoordelaar niet achteraf te bedenken of iets ernstig genoeg was. Dat hebben we vooraf afgesproken.

14. Wanneer is iemand geslaagd?

Een deelnemer is geslaagd wanneer hij of zij voldoet aan alle eisen van de betreffende ISWS-kwalificatie.

Dat betekent bijvoorbeeld:

  • de vereiste theorie voldoende;
  • de vereiste praktijk voldoende;
  • geen kritieke veiligheidsfout tijdens de beoordeling;
  • alle verplichte onderdelen uitgevoerd.

De precieze slagingsvoorwaarden staan per opleiding vast. Een instructeur of beoordelaar mag deze eisen niet tijdens een opleiding aanpassen. Iedere deelnemer wordt op dezelfde basis beoordeeld.

15. Herkansing

Niet slagen is niet hetzelfde als nooit kunnen slagen.

Wanneer een deelnemer niet voldoet aan de eisen, moet duidelijk worden gemaakt:

  • op welk onderdeel hij of zij niet is geslaagd;
  • wat verbeterd moet worden;
  • of opnieuw oefenen nodig is;
  • welk onderdeel opnieuw moet worden beoordeeld.

Een herkansing moet opnieuw serieus worden beoordeeld.

16. Identiteit van de deelnemer

Een certificaat moet bij de juiste persoon horen.

Voor certificering moet daarom worden vastgesteld wie de deelnemer is. De opleider registreert minimaal:

  • volledige naam;
  • geboortedatum of ander geschikt identificerend gegeven;
  • datum van opleiding en beoordeling.

Waar nodig kan de identiteit worden gecontroleerd met een geldig identiteitsbewijs. Er worden niet meer persoonsgegevens vastgelegd dan nodig is voor opleiding, certificering en controle.

17. Registratie van de beoordeling

Van iedere deelnemer wordt vastgelegd:

  • welke opleiding is gevolgd;
  • welke ISWS-kwalificatie van toepassing is;
  • datum van opleiding;
  • datum van beoordeling;
  • resultaat theorie;
  • resultaat praktijk;
  • naam of nummer van instructeur/beoordelaar;
  • eventuele herkansing;
  • certificaatnummer wanneer de deelnemer is geslaagd.

Zo kan achteraf worden gecontroleerd op welke basis een certificaat is afgegeven.

18. Het ISWS-certificaat

Een deelnemer die aan alle eisen voldoet, ontvangt een uniek ISWS-certificaat.

Op het certificaat staat minimaal:

  • naam van de deelnemer;
  • ISWS-kwalificatie;
  • arbeidsmiddel of categorie waarvoor de kwalificatie geldt;
  • datum van certificering;
  • geldigheidsdatum;
  • uniek certificaatnummer;
  • opleider;
  • verwijzing naar ISWS.

Waar mogelijk wordt een QR-code gebruikt waarmee de geldigheid van het certificaat kan worden gecontroleerd.

19. Uniek certificaatnummer

Ieder ISWS-certificaat krijgt één uniek nummer. Een nummer wordt nooit opnieuw gebruikt voor een andere deelnemer.

Hiermee kan worden gecontroleerd:

  • of een certificaat bestaat;
  • voor welke kwalificatie het is afgegeven;
  • of het nog geldig is;
  • of het eventueel is ingetrokken.

20. Geldigheidsduur: 5 jaar

Een ISWS-certificaat is standaard 5 jaar geldig, tenzij in een specifieke ISWS Qualification Standard een kortere termijn is vastgesteld.

Na 5 jaar moet opnieuw worden aangetoond dat de deelnemer nog over voldoende kennis en praktische vaardigheden beschikt.

De geldigheidsduur staat altijd duidelijk op het certificaat. Een verlopen certificaat wordt niet als geldig weergegeven.

21. Hernieuwen van een certificaat

Een certificaat wordt niet automatisch verlengd.

Hoe hercertificering plaatsvindt, wordt per kwalificatie bepaald. Dit kan bijvoorbeeld bestaan uit:

  • een herhalingstraining;
  • een nieuwe theoriebeoordeling;
  • een nieuwe praktijkbeoordeling;
  • of een combinatie daarvan.

Alleen het feit dat iemand ooit een certificaat heeft gehad, is niet voldoende voor automatische verlenging.

22. Certificering staat los van toestemming om te werken

Een ISWS-certificaat laat zien dat iemand volgens de betreffende ISWS-standaard is opgeleid en beoordeeld.

Het certificaat betekent niet automatisch dat iemand op iedere locatie, in ieder land of onder alle omstandigheden zonder verdere toestemming mag werken.

Er kunnen aanvullende eisen gelden vanuit:

  • nationale of lokale wetgeving;
  • werkgever;
  • opdrachtgever;
  • bouwplaats of project;
  • verzekeraar;
  • specifieke werkzaamheden.

De werkgever blijft verantwoordelijk voor het beoordelen of iemand op een specifieke werkplek daadwerkelijk mag en kan worden ingezet.

23. Eerlijk beoordelen

Een deelnemer moet eerlijk worden beoordeeld. Persoonlijke voorkeur, commerciële belangen of druk om iemand toch te laten slagen mogen geen invloed hebben op de uitslag.

Een deelnemer slaagt omdat hij of zij aan de eisen voldoet. Veiligheid gaat vóór het certificaat.

24. Klachten

Iedere deelnemer, werkgever of andere betrokkene mag een klacht indienen over:

  • de opleiding;
  • instructeur;
  • beoordeling;
  • certificering;
  • gebruik van ISWS.

Een klacht wordt geregistreerd en inhoudelijk bekeken. Degene over wie de klacht gaat, beslist niet alleen over zijn of haar eigen klacht. De uitkomst wordt vastgelegd en teruggekoppeld aan degene die de klacht heeft ingediend.

25. Bezwaar tegen een beoordeling

Een deelnemer die het niet eens is met een examenuitslag of beoordeling mag bezwaar maken.

Het bezwaar wordt bekeken door iemand die niet alleen verantwoordelijk was voor de oorspronkelijke beslissing.

Daarbij wordt gecontroleerd:

  • of de juiste norm is gebruikt;
  • of de beoordeling correct is uitgevoerd;
  • of de resultaten goed zijn vastgelegd;
  • of de deelnemer eerlijk is behandeld.

Een bezwaar betekent niet automatisch dat de uitslag verandert.

26. Fraude en misbruik

ISWS-certificaten mogen niet worden:

  • vervalst;
  • aangepast;
  • uitgeleend;
  • verkocht;
  • gebruikt door iemand anders;
  • gebruikt voor een andere kwalificatie dan waarvoor ze zijn afgegeven.

Wanneer fraude of ernstig misbruik wordt vastgesteld, kan Veiligwerken.frl:

  • het certificaat blokkeren;
  • het certificaat intrekken;
  • de opleider om uitleg vragen;
  • een aanvullende controle uitvoeren;
  • de erkenning van een opleider of instructeur opschorten of beëindigen.

Ingetrokken certificaten worden in het register als ongeldig weergegeven.

27. Bewaartermijn: 7 jaar

De gegevens die nodig zijn om de totstandkoming en geldigheid van een ISWS-certificaat te controleren, worden 7 jaar bewaard.

Daaronder vallen in ieder geval:

  • deelnemerregistratie;
  • theorie-examenresultaten;
  • praktijkbeoordelingen;
  • certificaatgegevens;
  • gegevens van herkansingen;
  • klachten en bezwaren die betrekking hebben op de certificering.

Na afloop van de bewaartermijn worden persoonsgegevens verwijderd of geanonimiseerd, tenzij wetgeving een langere bewaartermijn verplicht.

28. Privacy

ISWS registreert alleen gegevens die nodig zijn om opleidingen, beoordelingen en certificaten betrouwbaar te kunnen beheren.

Niet alle gegevens uit het register zijn openbaar. Bij een openbare certificaatcontrole wordt alleen informatie getoond die nodig is om te controleren of het certificaat geldig is en waarop het betrekking heeft.

Persoonsgegevens worden volgens de geldende privacyregels verwerkt.

29. Wijzigingen van een ISWS-norm

Veiligheidsnormen veranderen. Machines veranderen. Wetgeving verandert. Daarom kunnen ISWS-standaarden worden aangepast.

Iedere standaard krijgt:

  • een versienummer;
  • een publicatiedatum;
  • indien nodig een ingangsdatum.

Bij belangrijke wijzigingen wordt beoordeeld wat dit betekent voor bestaande opleidingen, instructeurs, examens en bestaande certificaten.

Oude versies worden bewaard zodat later kan worden vastgesteld volgens welke versie iemand is beoordeeld.

30. Controle door Veiligwerken.frl

Veiligwerken.frl beheert de ISWS-standaarden en bewaakt de toepassing ervan.

Daarom kan Veiligwerken.frl onder andere controleren:

  • opleidingsmateriaal;
  • instructeursdossiers;
  • examens;
  • praktijkbeoordelingen;
  • deelnemersregistraties;
  • certificaten;

Een controle kan aangekondigd of steekproefsgewijs plaatsvinden.

Het doel daarvan is simpel: als ISWS op een certificaat staat, moet erop vertrouwd kunnen worden dat de afgesproken standaard daadwerkelijk is gevolgd.

31. Wanneer kan een opleider zijn ISWS-bevoegdheid verliezen?

Wanneer een opleider structureel of ernstig afwijkt van de ISWS-standaard kan Veiligwerken.frl maatregelen nemen.

Bijvoorbeeld wanneer:

  • certificaten worden afgegeven zonder beoordeling;
  • examenresultaten worden aangepast;
  • onbevoegde instructeurs worden ingezet;
  • noodzakelijke administratie ontbreekt;
  • fraude wordt toegestaan;
  • veiligheidsregels bewust worden genegeerd.

Afhankelijk van de ernst kan worden gekozen voor:

  • waarschuwing;
  • verbetertermijn;
  • extra controle;
  • tijdelijke opschorting;
  • intrekken van de bevoegdheid om onder ISWS te werken.

32. De basisgedachte van ISWS

ISWS hoeft niet ingewikkeld te zijn. Sterker nog: als een veiligheidsregel niet duidelijk kan worden uitgelegd, wordt hij in de praktijk meestal ook niet goed uitgevoerd.

WETEN  •  KUNNEN  •  AANTONEN

Weten: begrijp wat je doet.

Kunnen: laat zien dat je het veilig kunt.

Aantonen: leg vast dat je aan de eisen voldoet.

Dat is de basis voor iedere ISWS-kwalificatie.

Normbeheer

ISWS – International Safe Work Standard

Normhouder: Veiligwerken.frl

Deze standaard vormt de algemene basis voor opleidingen en certificering onder ISWS. Voor iedere afzonderlijke opleiding gelden daarnaast de eisen uit de bijbehorende ISWS Qualification Standard.

ISWS is een onafhankelijke kwalificatiestandaard van Veiligwerken.frl. Verwijzingen naar ISO-, EN- of andere normen betekenen niet dat ISWS of Veiligwerken.frl door de betreffende normorganisatie is geaccrediteerd of gecertificeerd, tenzij dit uitdrukkelijk is vermeld.

Vraag de ISWS Standaard als document aan

Vraag de ISWS standaard aan als een document


Veilig werken Friesland

Voor bedrijven die veiligheid goed willen regelen!

Veiligwerken.frl is bedoeld voor bedrijven die veiligheid serieus nemen en het praktisch goed geregeld willen hebben voor medewerkers, klanten en werkzaamheden.

Duidelijk. Werkbaar. En passend bij de dagelijkse praktijk.

Benieuwd hoe Veiligwerken.frl past binnen jouw bedrijf?

 

Neem vrijblijvend contact met ons op via mail: info@veiligwerken.frl